Een afgesloten Hof
Mozes' relatie met God

 

 

 

 

Mozes' relatie met God

 

Vriendschappelijke relatie met God

Behalve Jezus is geen enkele Bijbelfiguur te vergelijken met Mozes wat betreft  zijn persoonlijke omgang met God.

"Nooit meer heeft Israël een profeet gekend als Mozes,  met wie de HEER zo vertrouwelijk omging."  (Deuteronomium 34:10, NBV2004)

Let eens op de manier waarop God Zelf over Mozes spreekt:

"... Als er bij jullie een profeet van  de HEER is, maak ik mij in visioenen aan hem bekend  en spreek ik met hem in dromen. Maar met mijn dienaar Mozes, op wie ik volledig  kan vertrouwen, ga ik anders om: met hem spreek ik rechtstreeks, duidelijk,  niet in raadsels, en hij aanschouwt   mijn gestalte ..."  (Numeri 12:6-8, NBV2004)

Deze diepgaande relatie staat niet helemaal los van het karakter van Mozes.  Verstandelijke typen zijn minder op de buitenwereld, maar meer op de innerlijke wereld  gericht en die staat dichter bij de geestelijke wereld ofwel de wereld van God.  Speciaal van Mozes lezen we in de brief aan de Hebreeën:

"Door het geloof verliet hij Egypte zonder de woede  van de koning te vrezen, want   hij zette door, als ziende de Onzienlijke." (Hebreeën 11:27, WV1995)

Al bij de roeping van Mozes was God zeer uitvoerig geweest in zijn gesprekken  met Mozes en zo begon Hij een sfeer van open, vertrouwelijke omgang met Mozes op te bouwen.  We zien Mozes in de loop der jaren groeien tot welhaast het niveau van  partnerschap met God. Mozes bracht erg veel tijd met God door.  Eenmaal was er zelfs een ontmoeting van veertig dagen aaneen (Exodus 24:12-18),  waarvan hij de eerste week op de berg moest wachten om zijn gedachten geheel leeg  te laten worden voordat hij met God mocht spreken.

Een van de mooiste voorbeelden van het intieme omgang met God zien we  in Exodus 33:18-23, waar Mozes vroeg of hij  Gods heerlijkheid mocht zien.  We moeten goed beseffen dat die vraag werd gesteld nadat Mozes langdurig  en intensief met God had gewandeld in diep ontzag en gehoorzaamheid.  Mozes was daarbij zelfs zo ver gegaan, dat hij bereid was zijn leven op te offeren  voor het volk Israël, dat diep gezondigd had door het gouden kalf te aanbidden  (Exodus 32:32 en 34:9). Mozes' verlangen naar God was echt en zijn leven was een  en al offer voor God. Vanuit die houding mocht hij die vraag stellen.  Dat gaat veel verder dan het zingen van een Opwekkingslied met woorden als "Heer  laat mij uw glorie zien, want ik wil genieten van uw heerlijkheid."  Het echt leren kennen van God vereist een diep besef van Gods heiligheid en veel diepgang in je leven. Intimiteit met  God komt je niet aanwaaien als je zo nu en dan iets naar boven roept.

Hoe reageerde God op de vraag van Mozes? God zei niet: "Mozes, hoe kun  je nou zoiets vragen. Nu maak je het toch echt te bont!" Integendeel.  Ik denk dat God heel blij was met de vraag van Mozes en Hij toonde zijn heerlijkheid aan Mozes  op een manier dat Mozes het nog net kon verwerken. God ging daarbij tot het uiterste.  Je zou natuurlijk graag willen weten wat Mozes precies zag, maar dat heeft hij  niet in de Bijbel opgeschreven. Wacht maar tot je Hem zelf zult zien...

Toen Mozes na die ontmoeting met God van de berg Sinaï afdaalde straalde de  heerlijkheid van God zo van zijn gezicht af dat de mensen hem niet durfden aan  te kijken.

"Mozes daalde de Sinai af, met de twee platen van het verbond bij zich. Hij wist niet dat zijn gezicht glansde doordat hij met  de HEER had gesproken." (Exodus 34:29, NBV2004)

Hij deed dan maar een doek over zijn gezicht totdat die krachtige straling  was afgenomen (Exodus 34:30-35).

Mozes de voorbidder

In de Bijbel zien we dat Mozes tot ongekende hoogten is gestegen als tussenpersoon  tussen God en het volk Israël en als voorbidder, juist wanneer de relatie tussen God en de Israëlieten onder  grote druk stond.

Toen Mozes een tijdlang een bespreking met God  had, op de berg Sinaï,  ging het volk een gouden kalf maken en het aanbidden als hun god. Dit was natuurlijk  een welhaast onvergeeflijke zonde na alles wat God voor zijn volk had gedaan.  Mozes, die een duidelijk besef had van Gods heiligheid, besefte maar al te goed  dat de relatie tussen God en het volk stuk was en dat de situatie hoogst ernstig was.

"De volgende morgen zei Mozes tegen het volk: 'U hebt zwaar  gezondigd. Toch zal ik de berg op gaan; misschien kan ik  de HEER ertoe bewegen u uw zonden niet aan te rekenen.'  Hierop keerde hij terug naar de  HEER. 'Ach HEER,' zei hij,  'dit volk heeft zwaar gezondigd: ze hebben een god van goud gemaakt.'"  (Exodus 32:30-31, NBV2004)

Vervolgens kwam de offerbereidheid van Mozes naar voren, Het was hem alles  waard dat het volk, dat God aan hem had toevertrouwd, er goed doorheen zou komen.  Hij wist dat alleen een groot offer genoegdoening zou kunnen schenken aan God om deze grove afwijzing van  zijn goedheid af te wijzen:

"Schenk hun vergeving voor die zonde. Wilt u dat niet,  schrap mij dan maar uit het boek dat u geschreven hebt.'"  (Exodus 32:32, NBV2004)

Wat een offervaardigheid van Mozes! Vanwege het pleidooi van Mozes schonk  God vergeving. Maar God wilde niet meer  zelf met het volk meegaan en zei tegen Mozes dat er maar een engel mee moest gaan om het volk te leiden,  omdat Gods heiligheid en de zondige houding van het volk niet  konden samengaan (Exodus 32:33-35; 33:1-6).

Mozes kwam met een creatieve oplossing. Hij zette een tent neer buiten het kamp  van de Israëlieten om daar God te ontmoeten. Dat was neutrale grond en daar kon God  immers niets op tegen hebben. Over die ontmoetingen lezen we in de Bijbel:

"De Heer sprak met Mozes heel persoonlijk, zoals iemand spreekt  met zijn vriend ..." (Exodus 33:11, GNB1996)

Het was tijdens deze gesprekken dat Mozes weer het heikele punt naar voren bracht  dat God niet met het volk wilde optrekken.

"En de HERE antwoordde: 'Voelt u zich  pas gerust als Ik Zelf meega?' Mozes zei: 'Als u niet Zelf meegaat,  laat ons dan niet vertrekken. Want als U niet meegaat, zal niemand ooit  te weten komen dat ik en mijn volk genade hebben gevonden in uw ogen en verschillend  zijn van alle volken op aarde.' Daarop zei de HERE tegen Mozes: 'Ik zal doen wat u Mij hebt gevraagd, want het is een feit dat u  genade hebt gevonden in mijn ogen en dat  Ik u als mijn vriend beschouw.'" (Exodus 33:14-17, HB2008)

Mozes had het pleit gewonnen en ik denk dat God intens genoten heeft van dit  gesprek. God is een genadig God en Mozes wist dat. In die wonderlijke vriendschap  tussen de heilige God en de beperkte mens Mozes ontstond een ongekend heerlijk  samenspel waarin we het hart van God beter leren kennen en zijn diepe verlangen  om het allerbeste uit de mens naar voren te laten komen.  Het laat ook zien hoe persoonlijk en intiem God met mensen wenst om te gaan.

 

http://www.herschepping.nl

 

 

Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Je Punt profiel
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl